Assessment
Letterlijk: beoordeling of toewijzing. In Nederland wordt de term assessment vaak gebruik als synoniem voor performance assessment, ook wel authentieke beoordeling. Assessment wordt in de literatuur gedefinieerd als het multidimensioneel beoordelen van de geschiktheid van een persoon voor een (toekomstige) taak of functie.Assessor
De persoon die optreedt als beoordelaar in een procedure Certificering volgens de Secretaresse Beroepscode. Dit kan een docent van een opleiding zijn, maar ook een stagebegeleider of iemand uit een bedrijf waarin of waarvoor het assessment plaatsvindt. De assessor heeft uitsluitend een beoordelende rol; deze houdt zich niet bezig met de begeleiding van degene die het assessment ondergaat.Begeleider
De persoon die optreedt als begeleider in een procedure Certificering volgens de Secretaresse Beroepscode. Dit kan een docent van een opleiding zijn, of iemand uit een bedrijf waarin of waarvoor het assessment plaatsvindt, maar ook een stagebegeleider of P&O functionaris. De portfoliobegeleider heeft tot taak, de kandidaat te stimuleren en te ondersteunen om diens eigen ervaringen (competenties en kwaliteiten) beter in beeld te brengen, het opstellen van het POP, en het voeren van voortgangsgesprekken naar aanleiding van het POP.Beoordelaar
zie assessorBeoordelingsstandaard
zie standaardBetrouwbaarheid
De mate waarin de resultaten van een beoordeling consistent, nauwkeurig en reproduceerbaar zijn (vrij van meetfouten). Het resultaat van de beoordeling moet herhaalbaar zijn en niet afhangen van toevalligheden als de soort opdracht, de beoordelaar of de situatie.Bewijsmateriaal
In een procedure Certficering volgens de Secretaresse Beroepscode verzamelt de kandidaat bewijsmateriaal in het portfolio om aan te tonen dat hij/zij de competenties verworven heeft die voldoen aan de eisen uit de beoordelingsstandaard. Bewijsmateriaal kan bestaan uit diploma's, getuigschriften, werkstukken, reflectieverslagen, beoordelingen van proeven van bekwaamheid enz.Bezwaar/Klachtenprocedure
Protest tegen een beslissing die genomen is in het kader van een procedure Certficering volgens de Secretaresse Beroepscode. Het bezwaar is gericht tot een persoon of commissie die de beslissing genomen heeft en wordt ingediend bij het Register Secretaresse Beroepscode.Klacht gericht op een overtreding van de Secretaresse Beroepscode. De klacht is gericht tot een bij het Register Secretaresse Beroepscode aangesloten Secretaresse of Assessment Center wordt ingediend bij het Register Secretaresse Beroepscode.
Certificaat
Een bewijsstuk voor het met goed gevolg afronden van de Certficering volgens de Secretaresse Beroepscode.Civiel effect
Binnen de procedure Certficering volgens de Secretaresse Beroepscode spreken we van erkenning als competenties zodanig zijn vastgelegd en gewaardeerd dat ze (enig) civiel effect hebben. Civiel effect heeft betrekking op de rechten (bijvoorbeeld toelating tot beroepsgroepen, toelating tot opleidingen, inschaling binnen een CAO) die aan een certificaat ontleend kunnen worden op de arbeidsmarktpositie. Het civiel effect wordt met name bepaald door de acceptatie van en het draagvlak voor de gehanteerde beoordelingsstandaard of meetlat enerzijds en door de kwaliteit van de gehanteerde beoordelingsprocedures anderzijds.Competenties
"wat er de laatste vijf jaar onder de vlag van competenties aan de man is gebracht... is een warwinkel van begrippen die tot veel communicatieproblemen en misverstanden heeft geleid (Thijssen, 1998)."Er zijn vele definities, echter geen eenduidigheid. Omdat het van belang is aan te kunnen geven hoe competenties zich verhouden tot andere kenmerken van personen is een conceptueel model ontwikkeld: een architectuurmodel voor competenties. Het model omvat 8 begrippen.
- Competentie: een geleerd vermogen om een bepaalde taak of rol adequaat uit te voeren. Competenties blijken uit het kunnen.
- Deelcompetentie: het vermogen om onderdelen van een taak of rol goed uit te voeren. In stapsgewijze leerprocessen ontwikkelen mensen deelcompetenties, die uiteindelijk leiden tot competenties.
- Kennis: wat iemand geleerd heeft over feiten en verhoudingen, technieken en procedures binnen een bepaald domein.
- Vaardigheden:wat iemand geleerd heeft door middel van oefening en in staat is om uit te voeren.
- Houding (of attitude): hoe men zich opstelt ten opzichte van personen of zaken in de combinatie van weet hebben van (cognitief aspect), iets doen aan (actie-aspect) en leuk vinden (affectief aspect).
- Capaciteiten: in aanleg gegeven intellectuele vermogens, waarmee mensen in staat zijn problemen te doorzien en op te lossen respectievelijk nieuwe gegevens en samenhangen te leren.
- Persoonlijkheid: in aanleg gegeven kenmerken van de manier waarop iemand zich gewoonlijk gedraagt (weinig verandering in vele uiteenlopende situaties).
- Overige kenmerken: overige kenmerken zijn onder meer: waarden, interessen, doelen, motieven, gedragsstijlen, alsook biologische en biografische kenmerken.
Competenties berusten op deelcompetenties en op kennis, vaardigheden en houdingen. Competenties worden ontwikkeld in leerprocessen in concrete (of gesimuleerde) werksituaties.
Kennis, vaardigheden en houdingen worden ontwikkeld in leerprocessen, deels op het werk, deels op school of deels in het dagelijks leven. Wat er geleerd is, wordt bepaald door de verstandelijke aanleg, de persoonlijkheid en andere kenmerken. Kennis, vaardigheden en houdingen zijn dus gebaseerd op het fundament van in aanleg gegeven disposities. Kennis, vaardigheden en houdingen zijn op hun beurt drager van deelcompetenties en competenties.
Criterium Gericht Interview (CGI)
Criterium gericht interview of STAR-interview of reflectie-interview. Interviewvorm waarbij aan de hand van tevoren beschreven gedragscriteria bij kandidaten wordt beoordeeld in hoeverre zij dat gedrag in het verleden hebben vertoond. Er wordt gewerkt aan de hand van het STAR-model."STAR" staat voor: situatie, taak, actie, resultaat/reflectie.
Erkennen
Met erkennen wordt bedoeld het op grond van een onafhankelijke toetsing van competenties en competentiebewijzen verlenen van civiel effect aan bekwaamheid. Voor het erkennen is een standaard (zie standaard) of referentiekader nodig. Erkenning kan leiden tot vrijstelling, certificaten of diploma's.Erkennen (zie erkennen) van verworven (zie verworven) competenties (zie competenties) -
De laatste stand van zaken in het denken omtrent EVC geeft weer dat EVC een manier van denken en handelen is waarin het herkennen, waarderen en erkennen van competenties van werknemers of een bepaalde doelgroep in het licht van hun verdere ontwikkeling centraal staat. EVC verwijst naar competenties die individuen hebben verworven en naar hun ontwikkelmogelijkheden. Uitgangspunt is wat iemand al kan, niet zijn of haar tekorten. Hoe en waar iemand die competenties heeft verworven doet er niet toe. Het is van belang om -vooral de niet op school verworven- competenties te herkennen en te waarderen en deze ook te erkennen. Daarmee krijgen deze competenties een civiel effect, ze worden zichtbaar en kunnen uitgangspunt worden voor bijscholing en opleiding van mensen en voor loopbaanbeleid in instellingen en bedrijven.Herkennen
Het herkennen, in kaart brengen van competenties. Het herkennen van combinaties gebeurt door middel van een portfolio.Kwaliteit
Volgens van Dale: doen wat eigenlijk moet doen. Er zijn vele definities van kwaliteit te vinden. De volgende zaken zijn kenmerkend:- duidelijke afspraken maken en ze nakomen;
- leveren wat de klant wil;
- je werk goed doen;
- producten maken conform specificaties.
Kwaliteitsborging
Maatregelen die het nakomen van de kwaliteit moeten bewaken en garanderen.Persoonlijk Ontwikkel Plan (POP)
Een plan van aanpak voor het vervolg met daarin individuele afspraken voor verdere ontwikkeling, afhankelijk van wat erkenning moet bewerken. In het geval van diplomering wordt een plan gemaakt voor een opleidingstraject op maat. Persoonlijke ontwikkel plannen worden tegenwoordig in CAO's opgenomen om loopbaanontwikkeling te bevorderen.Portfolio
Een portfolio in een procedure Certificering volgens de Secretaresse Beroepscode is een verzameling van bewijsmateriaal waarmee de kandidaat kan aantonen dat de vereiste competenties beheerst worden. Het portfolio is eigendom van de kandidaat. In het portfolio kan de kandidaat bijvoorbeeld de ontwikkeling in competenties documenteren en het portfolio kan aanzetten tot reflectie. Er kunnen drie type portfolio's worden onderscheiden:- Assessmentportfolio (voor beoordeling in bijv. procedure Certificeren volgens de Secretaresse Beroepscode);
- Ontwikkelingsgericht portfolio (om het leren en de ontwikkeling te sturen en monitoren);
- Showcase portfolio (hulp bij o.a. sollicitaties).


